zaterdag 26 januari 2002


De kwaliteit van beleid is de som van de beleidsinhoud en beleidsproces. Deze kwaliteitswijzer geeft u handvatten voor het managen van het proces, aangevuld met ervaringsregels van uw collega's. Het proces wordt vaak beschreven als een cyclus; de beleidscyclus. Eerst maak je een plan, dan zorg je voor besluitvorming en financiering. Vervolgens voer je het plan uit en monitor je de effecten:



Ook de Omgevingswet volgt de beleidscylcus:

In praktijk is het beleidsproces vaak minder chronologisch en eenvoudig. Maar de processtappen die hier worden genoemd zijn wel bruikbaar. Klik in de rechterkolom op de inhoudsopgave om door de wijzer heen te bladeren.

Omgevingswet
In de Omgevingswet komen veel aspecten aan bod die belangrijk zijn voor de ontwikkeling van mobiliteitsbeleid. Deze zijn op verschillende plekken in de Kwaliteitswijzer beleid toegelicht. Meer informatie over de Omgevingswet vind u in de brochure Mobiliteit en Omgevingswet.


SUMP; een duurzaam verkeersplan
Volgens de Omgevingswet wordt het verkeersplan of mobiliteitsplan vervangen door de Omgevingsvisie en uitgewerkt in het Programma en het Omgevingsplan. Omdat hierin met alle elementen van de fysieke leefomgeving rekening moet worden gehouden zijn dit per definitie een duurzame visies, programma's en plannen. In de Kwaliteitswijzer worden verwijzingen gemaakt naar de handleiding die de EU aanreikt om te komen tot een  duurzaam mobiliteitsplan voor de stad: een Sustainable Urban Mobility Plan (SUMP). De handleiding SUMP beschrijft het proces om tot een SUMP te komen in 11 stappen. De handleiding staat ook boordevol met bruikbare taken, checklist en praktijkvoorbeelden.


Voorbeelden
In de beleidsdocumententool vindt u honderden beleidsdocumenten. Daar kunt u ideeën opdoen voor het formuleren van de inhoud van uw beleid, passend bij de schaal en problematiek van uw gemeente.









Facts & Figures
In de linkerkolom staan links naar de dashboards duurzame en slimme mobiliteit. Feiten en cijfers over duurzame mobiliteit, meestal per gemeente beschikbaar.

Discussie
In de CROW-KpVV LinkedIn discussiegroep kunt u ook vragen plaatsen en discussieëren over beleidsontwikkelingen.


maandag 11 december 2000

Planvorming

De planvorming is een cruciale fase. Hierin worden een aantal acties ondernomen zoals:
  • Inventarisatie en analyse van de actoren en van het probleem; 
  • Het achterhalen van de doelen van de verschillende partijen;
  • Het analyseren van de problemen; het gezamenlijk bedenken van oplossingsrichtingen. 
Tijdens deze fase wordt gewerkt aan het draagvlak onder zowel de burgers als de bestuurders voor de latere fasen.

Omgevingswet
In de Omgevingswet draait veel om het begrip gebruiksruimte: de vrijheid in een bepaald gebied om daar bepaalde activiteiten te mogen uitvoeren. Zo kan een overheid gebieden aanwijzen als een wandelgebied of schoolzone waarbij (doorgaand) vrachtverkeer niet is toegestaan. De Omgevingswet maakt het mogelijk om heel gericht te regelen wat in een bepaald gebied mogelijk is en om specifieke
waarden in een gebied te ontwikkelen of te beschermen. Om de gebruiksruimte goed te benutten biedt de Omgevingswet zes kerninstrumenten (zie de brochure Mobiliteit en Omgevingswet):
  1. de omgevingsvisie (verplicht op nationaal, provinciaal en gemeentelijk niveau)
  2. het programma
  3. decentrale regels (gemeentelijk omgevingsplan, provinciale omgevingsverordening en waterschapsverordening)
  4. algemene rijksregels (AMvB’s)
  5. de omgevingsvergunning
  6. het projectbesluit (ter vervanging van tracébesluit, inpassingsplan en projectplan Waterwet)


3 mijlpalen 
In de fase van de planvorming kunnen 3 documenten worden opgeleverd (zie de  handleiding SUMP stappen 1 t/m 6)
  • Startdocument met daarin de keuze voor verbeteren van de mobiliteit en de kwaliteit van leven. 
  • Het document waarin de probleemanalyse en de kansen voor verbetering zijn benoemd. 
  • Het document waarin de maatregelen zijn benoemd.

 
"Houd een brede blik bij het aftasten van de context. Bepaalde acties kunnen nieuwe problemen veroorzaken. (Bijv. de introductie van een fietsstraat bleek in eerste instantie een negatief effect te hebben op de verkeersveiligheid)."
Syb Tjepkema, gemeente Zwolle

zaterdag 11 november 2000

Probleem

Aanleiding

De directe aanleiding voor het ontwikkelen van beleid is divers: het ervaren van een probleem, een wettelijke opgave, de wens om een verbetering door te voeren of de behoefte om toekomstige ontwikkelingen te sturen. In alle gevallen is er de wens om een situatie te creëren die nog niet bestaat of die zonder ingrijpen niet zal bestaan in de toekomst.

Probleemdefinitie
Ongeacht de aanleiding is het belangrijk dat u bij aanvang van het beleidsproces scherp uw beleidsopgave definieert. Voor latere besluitvorming is het zinvol om draagvlak te hebben voor het oppakken van de geformuleerde opgave. Wanneer een probleem niet wordt erkend, kan ook de oplossing op weinig steun rekenen. Zonder een duidelijke probleemdefinitie kunnen doelen niet eenduidig worden geformuleerd (wat willen we eigenlijk bereiken?). In gesprekken met beleidsparticipanten wordt unaniem gewezen op het belang van een helder geformuleerde probleemstelling of beleidsopgave. Investeren van tijd in deze beleidsfase betaalt zich terug in latere beleidsfasen, doordat oplossingen en maatregelen kunnen worden getoetst op hun oplossend vermogen voor de gesignaleerde problemen. Je voorkomt daardoor het risico dat het ‘verkeerde’ probleem wordt opgelost.

Flexibiliteit
"Het probleem c.q. de opgave dient duidelijk te zijn. Dit is essentieel voor een goed beleidsproces."
Kees de Leeuw, gemeente Den Haag.

woensdag 11 oktober 2000

Formulering

Beschrijf de problematiek/opgave in een heldere, goed onderbouwde probleemstelling.
Het formuleren van een probleemstelling is niet gemakkelijk. Problemen zijn vaak een samenspel van factoren, waardoor causale verbanden niet direct inzichtelijk zijn. Iedereen ervaart een probleem anders. Er is sprake van een grote mate van subjectiviteit. Wat de een als een probleem ervaart, heeft een ander nog nooit waargenomen of zou het niet als een probleem benoemen. Deze ervaring zult u ook snel opdoen als u met een collega praat: de kans is groot dat hij of zij het probleem anders interpreteert.
Iedereen begrijpt dat het geen zin heeft beleid te ontwikkelen zolang een organisatie het niet eens is over de problemen en uitdagingen waar ze voor staan. Wij bevelen u daarom aan om veel aandacht te besteden aan de probleemstelling en onderbouwing (aanleiding, aard, omvang, tijdspanne, oorzaken, gevolgen, et cetera) en te zorgen voor draagvlak.

VOORBEELD

U herkent wellicht de situatie: “Schrijf een beleidsnotitie over de sturing met Verkeersregelinstallaties” of “Stel een nota fietsparkeren op”. Mits voldoende op de hoogte van de inhoudelijke materie, zou u een aardig eind kunnen komen met het opstellen van de gevraagde beleidsstukken. De vraag is echter waarom behoefte bestaat aan deze documenten. Wat is het probleem en aan welke verwachtingen moet het eindresultaat voldoen. Bepaal de vraag achter de vraag. Pas wanneer u hierin inzicht heeft gekregen, kunt u een beleidsplan schrijven dat voldoet aan de verwachtingen of een oplossing biedt voor de ervaren problemen.


Flexibiliteit

"Het probleem c.q. de opgave dient duidelijk te zijn. Dit is essentieel voor een goed beleidsproces."
Kees de Leeuw, gemeente Den Haag.

maandag 11 september 2000

Afbakening

Waak ervoor dat u verantwoordelijk wordt gemaakt voor een onoverzichtelijk netwerk van samenhangende problemen: baken uw probleemstelling goed af.


Veel problemen hangen samen met andere problemen en/of opgaven. Soms is het mogelijk om meerdere problemen tegelijkertijd op te lossen. Procesmanagement: Het koppelen van problemen kan dan voordelen bieden. Je kunt partijen zo uitzicht op winst bieden.
Maar in andere gevallen blijkt dat lastig. Dat kan te maken hebben met onverenigbare doelen, maar bijvoorbeeld ook met onvoldoende menskracht of geld. Het is daarom belangrijk om op voorhand na te denken over de afbakening van uw probleemstelling.
Beantwoordt u daarvoor de volgende vragen:

  • Wat is de omvang van het probleem?
  • Voor wie is het een probleem?
  • Binnen welke tijdspanne vindt het probleem plaats?
  • Wat zijn de oorzaken van het probleem?
  • Wat zijn de gevolgen van het probleem?
  • Welk deel van het probleem kan/wil ik oplossen en binnen welke termijn?
  • Wordt rekening gehouden met indicatoren die belangrijk zijn voor duurzame mobiliteit (verkeersveiligheid, CO2, modal split ed.)?
Wees u ervan bewust dat u onmogelijk alle problemen in een beleidsstudie kunt oplossen: afbakenen is heel legitiem. Leg uiteraard de afbakening voor aan de beleidsverantwoordelijken en beslissers.


Flexibiliteit

"Het probleem c.q. de opgave dient duidelijk te zijn. Dit is essentieel voor een goed beleidsproces."
Kees de Leeuw, gemeente Den Haag.

vrijdag 11 augustus 2000

Probleemeigenaar

Maak in een vroeg stadium duidelijk wie verantwoordelijk is voor de oplossing van het geconstateerde probleem: benoem een probleemeigenaar.

De bereidheid om actief een probleem op te lossen is afhankelijk van twee factoren: ervaar ik een probleem en voel ik mij verantwoordelijk voor de oplossing ervan. Die verantwoordelijkheid kan voortvloeien uit formele overheidstaken, wettelijke verplichtingen, gemaakte afspraken (bijvoorbeeld tussen overheden) of directe betrokkenheid als veroorzaker van het probleem. Wanneer die verantwoordelijkheid niet duidelijk is, ontbreekt een probleemeigenaar. Dit kan het geval zijn bij gemeente- of provinciegrensoverstijgende problemen. Zonder afspraken over een gezamenlijke aanpak neemt geen enkele individuele partij het initiatief om het probleem op te lossen. Hetzelfde kan gelden voor problemen die vragen om een samenwerking tussen overheden en bedrijfsleven.
Stappenplan
Met de volgende drie stappen maak je een partij probleemeigenaar:

  1. Schets een helder beeld van de problematiek en de consequenties voor alle te betrekken partijen.
  2. Geef aan welke oplossingen je als partij zelf kunt initiëren en wat daarvan de beperkingen zijn in termen van oplossend vermogen.
  3. Benoem de mogelijk rol en bijdrage van de andere partijen.

Omgevingswet
Een nieuwigheid in de Omgevingswet is dat een omgevingsplan gebodsbepalingen kan bevatten, die aan burgers en bedrijven onvoorwaardelijke verplichtingen opleggen. Een goed voorbeeld van een gebodsbepaling komt uit het omgevingsplan Hembrugterrein (gemeente Zaanstad) en betreft duurzame mobiliteit: ‘De
gebiedseigenaar is geboden maatregelen te treffen die het gebruik van duurzame mobiliteit stimuleren, hiertoe
wordt onder andere verstaan het realiseren van oplaadpalen voor elektrisch rijden conform de vereisten uit de
beleidslijn ‘Gezond en veilig, onderdeel duurzaamheid’’. en verderop: ‘De gebiedseigenaar zorgt ervoor dat de
buitenruimte verkeersveilig is, zoals bedoeld in de beleidslijn ‘Gebiedskwaliteit Hembrug’’ (zie de brochure Mobiliteit en Omgevingswet).

Procesmanagement: Zorg er hierbij voor dat je ook draagvlak creëert door relevante partijen in het proces te betrekken en hen mee te laten beslissen over de agenda. Door op deze wijze gezamenlijk inzicht te krijgen in de problematiek en de kracht van een gezamenlijke oplossing legt u de basis voor een gedeeld probleemeigenaarschap. De gezamenlijke aanpak kunt u eventueel vastleggen in een convenant.
VOORBEELD
Het oplossen van de fileproblematiek was in het verleden primair een opgave van overheden. Dit heeft geleid tot verschillende infrastructurele maatregelen, aanbod van openbaar vervoer en bijvoorbeeld de inzet van verkeersmanagement. Nu wordt duidelijk dat dit voor verschillende wegen en steden niet leidt tot afdoende oplossing van de fileproblematiek. Dit is aanleiding voor overheden om in het kader van mobiliteitsmanagement het bedrijfsleven aan te spreken op haar belangen en verantwoordelijkheden. Het bedrijfsleven heeft immers belang bij een goede bereikbaarheid en is tevens medeveroorzaker van de fileproblematiek. Overheden proberen het bedrijfsleven daarom in het kader van mobiliteitsmanagement medeprobleemeigenaar te maken. Bij aanvaarding van het probleemeigenaarschap wordt dit vastgelegd in de vorm van een intentieverklaring en/of convenant.

Probleemeigenaar
"Idealiter nemen de doelgroepen van beleid het opdrachtgeverschap over en voelen zich echt probleemeigenaar."
Syb Tjepkema, gemeente Zwolle

dinsdag 11 juli 2000

Beleidscontext

Verwerf goed inzicht in de relevante beleidskaders en wettelijke verplichtingen: breng de beleidscontext in beeld.

Cruciaal voor een goede probleemafbakening en het krijgen van inzicht in de dwarsverbanden met andere beleidsvelden is het in beeld brengen van de beleidscontext. Het verkennen van de beleidscontext kan u informatie geven over hogere beleidskaders, relevante wetgeving, aanverwante beleidsdossiers, netwerken van betrokken partijen en personen en relevante (autonome) ontwikkelingen.
Bekende instrumenten voor het in beeld brengen van de beleidscontext zijn een omgevingsanalyse (ruimtelijke oriëntatie van de problematiek) en een krachtenveldanalyse (welke spelers zijn relevant).

Omgevingswet
De omgevingswet staat voor een intergrale aanpak. Het beoogde gebruik van gemeentelijk grondgebied kan niet opgesteld worden zonder aandacht voor mobiliteit. Een integrale aanpak is noodzakelijk, voor het benoemen van kwaliteiten zijn veel verschillende disciplines en belanghebbenden nodig. Aan de gewenste kwaliteiten worden streefwaarden of normen gekoppeld. Bekend zijn de normen voor lucht en geluid die vanuit Europa zijn voorgeschreven. Deze kwaliteiten of normen kunnen in het omgevingsplan worden uitgewerkt tot omgevingswaarden met meetbare of berekenbare eenheden (zie de brochure Mobiliteit en Omgevingswet).
Lopen en fietsen biedt oplossingen voor diverse ruimtelijke uitdagingen en verstrekt een integrale kijk op de leefomgeving (zie Fietsen en Lopen Goud in Handen).
VOORBEELD
Het analyseren van de beleidscontext leidt mogelijk tot opmerkelijke inzichten. U kunt zicht krijgen op onbekende wetgeving of verplichtingen. U kunt echter ook geconfronteerd worden met het ontbreken van beleidskaders. Een voorbeeld is dat u de bereikbaarheid van een locatie moet verbeteren, zonder dat duidelijk is welke eisen aan de bereikbaarheid van die locatie worden gesteld. Wanneer u beleid gaat ontwikkelen zonder een duidelijk afwegingskader is het verstandig om een analyse te maken van de consequenties. Bij het ontbreken van dat beleidskader wordt het namelijk lastig om de effecten van uw maatregelen af te wegen.
Inzicht in de beleidscontext
"Houd een brede blik bij het aftasten van de context. Bepaalde acties kunnen nieuwe problemen veroorzaken. (Bijv. de introductie van een fietsstraat bleek in eerste instantie een negatief effect te hebben op de verkeersveiligheid)."
Syb Tjepkema, gemeente Zwolle